Het belastingplan 2021 door de ogen van PKF Wallast

Het belastingplan 2021 door de ogen van PKF Wallast

Het Belastingplan en de Miljoenennota staan dit jaar voor een belangrijk deel in het teken van de gevolgen van de Covid-19-crisis. Het kabinet treft enerzijds tegemoetkomingen voor bedrijven en burgers en probeert anderzijds een deel van de kosten van de crisispakketten te dekken.

Een deel van de presentatie van de ‘rekening’ vinden we in het voorstel om de eerder aangekondigde verlaging van het hoge tarief van de vennootschapsbelasting niet door te laten gaan. Het toptarief blijft 25%. Dit treft ondernemingen met een winst van meer dan € 245.000 (in 2021) en € 395.000 (in 2022). Voor de dga/ondernemer is het belangrijk dat de eerste schijf van de vennootschapsbelasting wordt verlaagd naar 15% (in 2021) over de eerste € 245.000 winst in 2021. In 2022 is dit zelfs over de eerste € 395.000. Voor de dga is voorts van belang dat het box 2-tarief in de inkomstenbelasting – zoals reeds aangekondigd – doorstijgt naar 26,9% in 2021. Verder vinden er belangrijke wijzigingen plaats op het gebied van de overdrachtsbelasting. Ook de Box III heffing wordt aangepast.

De aanbiedingsbrief bij het Belastingplan bevat verschillende aankondigingen zoals een onderzoek naar verdere beperking van renteaftrek in de vennootschapsbelasting in combinatie met de invoering van een vermogensaftrek. Wellicht wordt het arm’s length beginsel (o.a. bij informeel- kapitaalstructuren) aangepast en wordt naar verwachting in het voorjaar van 2021 het Wetsvoorstel Wet invoering conditionele bronbelasting op dividenden ingediend. De Bedrijfsopvolgingsfaciliteit (de BOR) blijft in dit Belastingplan vooralsnog ongemoeid, maar staat voor 2021 op de agenda om geëvalueerd te worden op doeltreffendheid. Verder volgt uit de Miljoenennota dat er nadere onderzoeken staan gepland naar de belastingdruk van multinationals.

Lees meer

 

Gekoppeld aan dit bericht


Reacties